Het versturen van fysieke post en wenskaarten kent een fascinerende geschiedenis die diep geworteld is in onze cultuur. Al in de tijd van de oude Egyptenaren en de Chinezen werden er nieuwjaarswensen uitgewisseld op rollen papyrus om geluk af te dwingen. Echter, de wenskaart zoals we die vandaag de dag kennen, kreeg pas echt vorm tijdens de negentiende eeuw in Europa. Met de uitvinding van de postzegel (de beroemde 'Penny Black' in het Verenigd Koninkrijk in het jaar 1840) en de introductie van de openbare postbezorging, werd het voor het eerst voor gewone burgers betaalbaar en toegankelijk om elkaar berichten en wensen te sturen.
Sir Henry Cole introduceerde in 1843 de allereerste commerciële kerstkaart, ontworpen door de schilder John Callcott Horsley. Dit bleek een schot in de roos en legde het fundament voor een wereldwijde industrie van thematische kaarten voor verjaardagen, huwelijken en jubilea. In Nederland nam de populariteit van de geïllustreerde briefkaart en wenskaart enorm toe rond de eeuwwisseling van 1900, mede door de opkomst van betrouwbare nationale postdiensten zoals de toenmalige PTT.
Hoewel de opkomst van digitale communicatiemiddelen zoals e-mail en sociale media de manier waarop we communiceren ingrijpend heeft veranderd, heeft de fysieke wenskaart nooit aan kracht ingeboet. Integendeel: in een wereld die gedomineerd wordt door vluchtige digitale berichtjes, wordt een tastbare kaart met een persoonlijke tekst juist gewaardeerd als een teken van oprechte aandacht en moeite. Volgens historische en sociologische studies naar postcultuur activeert het ontvangen van een fysiek object in de brievenbus een dieper gevoel van verbondenheid en emotionele waarde dan een digitaal bericht op een scherm. Voor meer achtergrondinformatie over hoe postdiensten en de traditie van brieven schrijven zich door de eeuwen heen hebben ontwikkeld, kunt u de historische archieven raadplegen op de officiële website van het Nederlands Instituut voor Beeld & Geluid.